Financiën
Het budget van de gemeente en het OCMW is in evenwicht. Dat is een wettelijke verplichting. In het nieuwe meerjarenplan voorzien we elk jaar marge met een positief beschikbaar budgettair resultaat. Op het einde van de legislatuur hebben we een positieve autofinancieringsmarge van 2,7 miljoen euro.
Het hebben van een schuld (terugbetalen van leningen) is op zich niet nadelig. Leningen aangaan maakt het mogelijk om investeringen te doen en de kost hiervan te spreiden in de tijd. De schuld van de gemeente was eerder laag maar stijgt nu omwille van belangrijke investeringen. Op het einde van de legislatuur voorzien we een schuld van 1.201 euro per inwoner, wat lager is dan het huidige Limburgs gemiddelde.
De Vlaamse en de federale overheid beslissen over wat de gemeenten moeten of mogen doen. Als die subsidies geven, moet de gemeente bovendien aan de voorwaarden voldoen om de subsidie te krijgen.
De belangrijkste belastingen zijn de opcentiemen op de personenbelasting en de onroerende voorheffing. De gemeente heeft die nodig om zijn basisdienstverlening te kunnen betalen. Die belastingen verlagen zou tot gevolg hebben dat essentiële dienstverlening moet afgeschaft worden.
Andere belastingen dienen om bijvoorbeeld leegstand of sluikstorten aan te pakken. Er zijn ook belastingen van niet-inwoners die gebruik maken van de diensten: de toeristenbelasting, tweede verblijven, parkeren in de blauwe zone, … Het is niet wenselijk om die belastingen te verlagen.
Het bestuur doet zo veel mogelijk een beroep op subsidies. Een subsidie bedraagt zelden 100 %. Grote projecten kosten nog steeds veel geld, zelfs met een subsidie.
In 2026 ramen we dat we 11.450.925 euro werkingssubsidies en 658.690 euro investeringssubsidies ontvangen.
Het bestuur wil mensen samenbrengen via cultuurprogrammatie, sport, jeugd en andere activiteiten in de vrije tijd. Optredens horen daarbij. De Grote Rappel wordt niet herhaald. Het concept van Kamp Knalt wordt herdacht.
De gemeente is wettelijk verplicht om de financiële tekorten van de erkende katholieke geloofsgemeenschappen (kerkfabrieken) bij te passen. Andere erediensten en niet-confessionele geloofsovertuigingen zijn geen gemeentelijke bevoegdheid.
Het bestuur en het managementteam evalueren permanent de inzet van het personeel in functie van effectiviteit en efficiëntie. Inwoners verwachten veel van de gemeente: snelle afgifte van documenten, beheer van het openbaar domein, kinderopvang, vrijetijdsactiviteiten, veiligheid, OCMW, … . Minder personeel betekent minder dienstverlening. Om sommige taken kwaliteitsvol te volbrengen, is er te weinig personeel. De personeelsinzet per inwoner van de gemeente Leopoldsburg ligt nog steeds onder het Vlaams gemiddelde.
